over mezelf

Ooit slaagde ik erin, weliswaar ongepland, met iemand die me nauw aan het hart ligt een avond te vullen met een filosofisch debat over het woord ‘normaal’.  Op zich is dat niet verwonderlijk.  Filosofie zit in mijn bloed.  Ik doe eigenlijk weinig liever dan dat, zonder evenwel te vervallen in esoterische zweefpraat.  De conclusie die avond was dat ‘normaal’ een betekenisloos woord is.  Het is namelijk een containerbegrip dat voor iedereen een verschillende betekenis heeft, en op die manier eigenlijk zijn betekenis helemaal verliest.  Er zijn er allicht nog, zoals bijvoorbeeld ‘interessant’ of ‘nuttig’.  Ik ben echter de laatste om mezelf interessant of nuttig te noemen, maar vind mezelf wel normaal.  Vergeef me dus dat ik daar nog heel even over doorboom.

Ik ben dus normaal.  Ook al werd mijn leven gekenmerkt door een nogal opvallende (nog zo’n woord zonder betekenis) transformatie.  Ik evolueerde van kind dat absurde verbanden legde die het later steevast moest herzien over een puber die bovenal uitblonk in puberaal gedrag (en daarmee zijn ouders doodmoe tergde) naar een schoolverlater die jarenlang schijnbaar zinloos werk verrichtte om te overleven tot een kritisch denker die de wereld actief in vraag stelt.

En dat vond ik steeds, en vind ik nog steeds normaal.  Mijn betekenis voor dat woord evolueerde mee met mij.

Voortschrijdend inzicht maakte mij gedreven en gepassioneerd door duurzaamheid, in de breedste zin van het woord.  De continue zoektocht naar creatieve oplossingen voor complexe situaties is helemaal mijn ding.

Op mijn 35ste vond ik eindelijk de moed om mijn leven om te gooien.  Ik stapte uit de eindeloze carroussel van nutteloos werk en stortte me opnieuw op het studeren.  In mijn zoektocht naar een school ‘met een hoekje af’ kwam ik al snel uit bij Howest.  De richting Netwerkeconomie sloot helemaal aan bij wat ik de komende jaren met mijn leven wil doen!